Vespa info van Scooterland 4: De historie van Vespa deel 3


La Dolce Vita

De eerste productie van de “Vespa” bedroeg slechts 100 stuks. Voor de verkoop van deze scooters werd een overeenkomst gesloten met Lancia die als bouwer van exclusieve automobielen een naam had opgebouwd. Via de Lancia dealers werden de eerste 100 scooters in een mum van tijd verkocht. De tweede productierun bedroeg 2500 scooters en ook deze vonden snel hun weg naar de klant. In totaal werden er in 1946 in het eerste jaar van productie 2181 Vespa’s verkocht. In 1947 bedroeg de totale verkoop al 10.535 scooters en in 1948 waren dit er al bijna 20.000. Vooral bij jonge Italianen was de Vespa ongekend populair. Zowel jonge mannen als vrouwen genoten van de vrijheid die hun Vespa hen verschafte. In een tijd waar uitgaansgelegenheden voor jonge mensen ontbraken werd de Vespa vaak ingezet als “vehicule de charme”. Rijdend op hun Vespa’s flirtten zowel de mannen naar de vrouwen als andersom en al rijdend een afspraakje maken was zo gebeurd. Op de één of andere manier had een Vespa iets ontwapenends over zich, een Vespa straalde vrijheid en plezier uit en in die late jaren ’40 was dat meer dan welkom.

Het succes van Vespa ging natuurlijk niet voorbij aan de concurrentie. In 1947 werd door Innocenti een vergelijkbare scooter op de markt gebracht die weliswaar eigen specifieke kenmerken had. Onder de naam Lambretta werd deze scooter eveneens als Vespa een groot succes, hoewel nooit de verkoopaantallen van Vespa zijn geëvenaard. Ook de in het Duitse Karlsruhe gefabriceerde Heinkel scooters werden een groot succes. Tussen 1953 en 1964 werden 170.000 grote Heinkel scooters gebouwd. Een respectabel aantal, maar in vergelijking met Vespa valt dit aantal in het niet.

Sinds de start van de Vespa scooter in 1946 zijn er over de gehele wereld al meer dan 15 miljoen Vespa scooters verkocht. Met productievestigingen in 13 verschillende landen en een distributienetwerk dat zich uitspant van Europa tot Azië, van Noord Amerika tot Zuid Amerika en van Afrika tot in Australië heeft Vespa de scooter op de wereldkaart gezet.


Vespa: ook een doorslaand succes in “The USA”

Ook in Australië was de Vespa scooter een hit

In de jaren ‘50 was de Vespa scooter een succesnummer in geheel Europa. Voor Enrique Piaggio betekende dit echter niet dat hij op zijn lauweren ging rusten. Integendeel, hij zag al weer mogelijkheden op andere markten. Zo gebruikte hij het motorblok van zijn Vespa voor industriële aandrijvingen en ook maakte hij sneeuwploegen met als krachtbron het Vespa motorblok. Een andere toepassing van de Vespa techniek was de bouw van kleine auto’s. Onder de naam Ape werd een multifunctioneel autootje ontwikkeld waarbij de voorzijde werd gemaakt van de voorkant van de Vespa scooter. Daarachter werd een platform gemonteerd waarop weer verschillende gebruikersmogelijkheden op gemonteerd konden worden. Zo konden op hetzelfde platform allerlei auto’s gemaakt worden, van pick up tot een gesloten cabine en zelfs koelwagentjes en ijscokarren. Het was een geweldige vinding en qua productietechniek was Piaggio hiermee zijn tijd ver vooruit. Heden ten dage is het immers zeer gebruikelijk om 1 platform te gebruiken voor de productie van verschillende typen en zelfs merken van auto’s.

De Vespa 400 auto

Vanaf 1958 legde Piaggio zich ook toe op de productie van reguliere auto’s. Ze werden gefabriceerd in de Piaggio vestiging in Frankrijk en in Frankrijk en Duitsland waren ze vanaf het eerste moment een groot succes. Hun design was modern en functioneel en vooral bij jonge vrouwen waren ze populair. Minder populair was deze auto echter bij de grote autobouwer Fiat die bang was een deel van de markt te moeten verliezen aan Piaggio die met deze auto de eerste stappen had gezet op hun terrein. De repliek van Fiat was dan ook duidelijk en hard, en ook typisch Italiaans: als Piaggio besloot door te gaan met de productie van auto’s dan zou Fiat een eigen productie opstarten van scooters en hiermee Piaggio van de markt drukken. Enrique Piaggio besloot hierop geen auto’s op de Italiaanse markt te introduceren en na een productie van 34.000 van deze auto’s werd met dit project gestopt. In 1959 werd de vete dus Fiat en Piaggio voor altijd opgelost op een positieve en structurele wijze, en wederom o zo typisch Italiaans: een huwelijk tussen een belangrijk lid van de Fiat familie van Agnelli en een dochter van de Piaggio familie.


Design was altijd “numero uno”, ook wat betreft de vliegtuigen van Piaggio

Ondertussen was de productie van vliegtuigen wederom op gang gekomen en in 1964 werd besloten om het bedrijf volledig op te splitsen waarbij Enrique Piaggio zich volledig zou bezighouden met de fabricage van scooters, motoren en bromfietsen en Armando het bedrijf Rinaldo Piaggio Industrie Meccaniche Aeronautiche oprichtte voor de productie van vliegtuigen. In 1965 overleed Enrique Piaggio en met hem één van grootste industriëlen van het naoorlogse Italië. Zonder de ambitie en visie van Enrique Piaggio zou Italië wellicht nooit met zoveel elan en zoveel flair hebben opgestaan uit de ruines van de allesverwoestende oorlog. Enrique Piaggio gaf met de Vespa kleur en fleur aan de Italianen en mede dankzij hem begon Italië aan een nieuwe lente. Een lente waarbij je vanaf je terrasje, genietend van een romige Cappuccino, uitkijkt over de door de zon beschenen kustweg waarop een Vespa rustig ronkend door de bochten glijdt langs een azuurblauwe Mediterranée.


Vespa in de jaren ‘60

Vespa in de jaren ‘70

Vespa in de jaren ‘80

In de jaren ’70 en ’80 begon de populariteit van de scooter wat te tanen. Piaggio begon zich dan ook steeds meer toe te leggen op de productie van bromfietsen en lichte motorfietsen. In 1969 lijfde men het befaamde Gilera in en in de jaren ’70 nam Piaggio het Oostenrijkse Puch over wat in de jaren daarvoor een naam had opgebouwd in de productie van bromfietsen. In de jaren ’90 was Piaggio inmiddels volledig ingelijfd in het Fiat concern. In het begin van de jaren ’90 was de scooter weer begonnen aan een revival en tegen het einde van de jaren waren de scooters van Piaggio wederom niet aan te slepen. Met de merken Vespa, Gilera en Piaggio werd een breed assortiment van bromfietsen, lichte motorfietsen en natuurlijk scooters gebouwd.



Vespa in China

Eind jaren ’90 is Piaggio als zelfstandig bedrijf uit de Fiat Groep getreden. Na jarenlang als zusterbedrijf van Alfa Romeo en Ferrari te hebben geopereerd was Piaggio voortaan een op zichzelf bestaand bedrijf wat niet meer afhankelijk was van de resultaten en de beslissingen van het Fiat concern. De relatie met Ferrari is overigens nog altijd zeer hartelijk en warm. Het Ferrari Formule 1 Team rijdt nog altijd op Piaggio scooters door de pits en voor transport van wagens en coureurs naar de circuits over de gehele wereld maakt men intensief gebruik van de ultraluxe Piaggio Avanti zakenjets.


Piaggio Avanti in vogelvlucht: Mooooi!

Piaggio Avanti: het summum in zakenjets

Op zakelijk gebied heeft Piaggio na de verzelfstandiging al grote stappen gezet. Zo werden in de afgelopen jaren achtereenvolgens de merken en fabrieken van Derbi, Moto Guzzi en Aprilia in het Piaggio concern ingelijfd. Momenteel is Piaggio niet alleen de belangrijkste fabrikant van scooters over de gehele wereld maar ook één van de belangrijkste motorenfabrikanten ter wereld.


Vespa GS

Vandaag de dag is de scooter zowel als bromscooter en snorscooter als in de vorm van de motorscooter welhaast net zo populair als in de gouden jaren ’50 en ’60. Het Piaggio concern is nog steeds even ambitieus als vroeger en nog steeds vallen de producten van Piaggio, Gilera en Vespa op door hun prachtige vormgeving, het oog voor detail en hun kwaliteit in bouw en afwerking. Piaggio ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet en is helemaal klaar voor de uitdagingen die de dag van morgen heeft te bieden.


Het Piaggio Museum

Voor de broers Piaggio had de Tweede Wereldoorlog grote gevolgen. Van de één op andere dag moest Piaggio zich volledig toeleggen op de productie van militaire vliegtuigen. Vooral de P 108 bommenwerper was van groot belang voor de Italiaanse Luchtmacht. Het was de enige grote bommenwerper waar het Italiaanse leger over kon beschikken en voor Piaggio brak dan ook een hectische tijd aan om de P 108 in zo groot mogelijke hoeveelheden te produceren. Piaggio was nu volledig overgeleverd aan de eisen van de legerleiding en eigenlijk hadden de broers Enrique en Armando niets meer te vertellen in hun bedrijf. Het duurde niet lang voordat de Gealieerde Strijdkrachten hun vizieren richtten op de fabrieken van de gebroeders Piaggio. Vele malen werden de fabrieken in Pisa en Pontedera gebombardeerd en tegen het einde van de oorlog waren de gehele Piaggio fabrieken tot aan de grond toe vernietigd.


Van fiets tot motor tot auto tot.. Vespa!




Colaninno en Sabelli: de huidige Piaggio directie


Vliegfabriek